De samenstellers van het boek, Schrijver en Peeters, geven aan de hand van meer dan veertig historische bronnen een beeld van de aard en ontwikkeling van het antisemitisme. Zij beperken zich daarbij bewust tot Europese teksten, ‘die laten zien hoe diep het antisemitisme geworteld is in de Europese cultuur’ (Bart Wallet).
Antisemitisme in de zin van anti-joods denken en handelen bestond al ver voor de opkomst van het christendom. Het begon als ‘weerstand tegen de andersheid van Joden met hun ene, onzichtbare God, […] een vreemde entiteit, een gevaar voor de staat en de mensheid’, aldus de tekst op de achterzijde van het boek. Bij de opkomst van het christendom verdween het verwijt van de ‘ene, onzichtbare God’. Zie ook de blog ‘Christendom en antisemitisme’. De term antisemitisme als zodanig ontstond pas in de tweede helft van de 19de eeuw, mogelijk als ‘enigszins verhullend pseudowetenschappelijk alternatief voor meer expliciete termen’ (p.11), zoals Jodenhaat.
De auteurs van Ooggetuigen geven vooral uit de periode na het begin van de christelijke jaartelling talloze voorbeelden van antisemitisme: Augustinus over Seneca’s afkeer van Joden; moordpartijen aan het begin van de Eerste Kruistocht; Talmoedverbrandingen; de pest die de schuld zou zijn van de Joden; Ferdinand II en Isabella I die de Joden uit Spanje verdrijven.
Maar ook Erasmus, Luther en Voltaire komen voorbij. Erasmus? Zo’n erudiete man. Die ook al? Ik lees dat Erasmus met name bezwaar had tegen een Jood die tot het christendom was overgegaan. Moet je dat nu ook als antisemitisme beschouwen? Te oordelen naar wat de auteurs aan uitspraken van hem citeren, helaas wel. Ik noem één citaat: ‘Ik mag sterven als hij zich om een andere reden heeft laten dopen dan om meer verderf onder de christenen te kunnen zaaien en als een van ons het hele volk met zijn Joodse gif te besmetten’ (p.107).
Het voert te ver om de ruim veertig hoofdstukken te bespreken. Wie bijvoorbeeld wel eens gehoord heeft van ‘de Dreyfus-affaire’, ‘het Jodenknaapje van Praag’ of ‘de Protocollen van de Wijzen van Sion’, maar hiervan de hoed en de rand niet kent, vindt in Ooggetuigen een uitstekende inleiding. Daar moet bij gezegd worden dat de opgenomen gruwelijke illustraties mij vaak nog dieper raakten dan de teksten.
Ruth Winsemius
Emile Schrijver en Ruth Peeters, Ooggetuigen van het antisemitisme. Europese Jodenhaat in meer dan veertig hoofdstukken. Met illustraties.
Prometheus, 2025. ISBN 978 90 446 5691 6